Een fraude met bijkomende neveneffecten kan bij een MKB-onderneming het voortbestaan van de onderneming ernstig in gevaar brengen.
Omvangrijke fraudezaken strekken zich meestal uit over een reeks van jaren, waarbij het aantal frauduleuze handelingen groot is en de (schade-)bedragen per handeling gering zijn en daardoor niet meteen opvallen. De fraudeur is doorgaans een werknemer die reeds jarenlang in het bedrijf werkzaam is, weinig tot geen vakantie opneemt, het volle vertrouwen geniet van collega´s en goed bekend is met interne controlemaatregelen.
Het hoofd van de financiële afdeling en enkele medewerkers van een scheepswerf frauderen gedurende een periode van tien jaar voor minstens 1 miljoen euro. De medewerkers lieten verschillende bedrijven goederen op hun privé adres bezorgen en privé diensten verrichten. De kosten werden in rekening gebracht aan en betaald door de werf.
Het computernetwerk van een grote fruithandelaar wordt door een ontevreden medewerker in het ongerede gebracht, waardoor belangrijke bedrijfsgegevens verloren gaan. De kosten ten behoeve van het reconstrueren van de verloren gegane bedrijfsgegevens bedragen in totaal € 300.000,00.
Een medewerker van een bedrijfspensioenfonds was in staat een tweede (schaduw) boekhouding op te zetten en langs deze weg pensioengelden aan te wenden voor het speculeren met effecten.
Een medewerker van de financiële administratie wist (eigen) betalingsopdrachten toe te voegen aan de betalingstape die ter verwerking aan de Bankgirocentrale werd aangeboden. Vervolgens wistte hij zijn sporen door de noodzakelijke controleboekingen in de financiële administratie te wijzigen. De medewerker was in staat om in drie jaar tijd een bedrag van € 3,5 miljoen over te maken naar privé bankrekeningen.
Een cliënt van een softwarebedrijf wordt geconfronteerd met diefstal via een elektronische boeking door een bij het softwarebedrijf gedetacheerde werknemer.